maandag 9 maart 2020

Olijfbroodjes (Israël)

OLIJFBROODJES

15 gram droge gist
1 flinke theelepel suiker
1 theelepel versgemalen zwarte peper
2 deciliter lauwwarm water
80 gram boekweitbloem
350 gram tarwebloem
2 eetlepels koudgeperste olijfolie
350 gram ontpitte olijven, grofgehakt


Roer de gist, de suiker en de peper door het water en laat het mengsel 10 minuten rusten. Doe de boekweitbloem en de tarwebloem in een deegkom, maak een kuiltje in het midden en doe er de opgeloste gist, de olie en de gehakte olijven in. Meng tot een glad deeg, schep het deeg op een met bloem bestrooid werkvlak en kneed het nog 2 minuten door. Bestrooi het deeg met bloem, doe het terug in de kom en laat afgedekt met keukenfolie op een warme plaats minstens45 minuten rijzen, tot het deeg in volume is verdubbeld.
Schep het deeg op een met bloem bestrooid werkvlak, verdeel het in vier gelijke porties en maak van iedere deegportie een bal. Verdeel iedere bal in vieren (er zijn nu in totaal 16 even grote stukken deeg). Maak met bebloemde handen ballen van het deeg en leg ze op een met olie ingevette bakplaat. Laat ze op een warme plaats 30 - 40 minuten rijzen tot het volume is verdubbeld. Verwarm de oven voor op 210°C.
Maak een ondiepe inkeping in de bovenkant van de broodjes voor ze de oven in gaan. Bak de broodjes 20 - 25 minuten onder in de oven, tot het hol klinkt als er op de onderkant wordt geklopt. Laat de broodjes op een rooster afkoelen.

16broodjes

gebied : Israël
gerechtsoort : brood

bron : De smaak van Israël : Een Mediterraan feest / Avi Ganor en Ron Maiberg

Kisiel (Polen)

KISIEL (RODE-BESSENGELEI)

300 gram rode bessen
½ liter water
150 gram suiker (of meer)
40 gram aardappelmeel


Breng de rode bessen (gewassen en zonder steeltjes) in ½ liter water aan de kook. Wrijf ze door een zeef. Voeg suiker bij dit rode bessenvocht en het aardappelmeel, dat met wat koud water aangemaakt is. Laat alles op een laag vuur al roerend doorkoken. Giet de rode-bessengelei in compoteschaaltjes en dien haar op.
N.B. Lekker met stijfgeklopte, gezoete slagroom. Op deze wijze kan men ook kruisbessengelei bereiden.

4 personen

gebied : Polen
gerechtsoort : nagerecht

bron : De Poolse keuken / Stasia Bugaj

zondag 8 maart 2020

Geroosterde spruitjes met pomelo en steranijs

GEROOSTERDE SPRUITJES MET POMELO EN STERANIJS

100 gram fijne kristalsuiker
2 kaneelstokjes
5 anijssterren
3 eetlepels citroensap
1 pomelo (900 gram in totaal; 300 gram na het schillen en het loshalen van de partjes)
600 gram spruitjes, schoongemaakt
250 gram sjalotten, gepeld
75 milliliter olijfolie
10 gram korianderblad
zout
zwarte peper


Doe de suiker met kaneel, steranijs en 100 milliliter water in een steelpan en breng alles tegen de kook aan. Laat de vloeistof 1 minuut zachtjes koken en roer tot de suiker is opgelost, neem de pan van het vuur, roer 1 eetlepel citroensap door de siroop en laat hem afkoelen.
Pel de pomelo en verwijder ook het witte vlies. Verdeel de vrucht in parten, haal het vruchtvlees uit het vlies en breek e parten boven een kom in kleinere stukken. Zorg dat al het bittere vlies verwijderd is. Giet een beetje afgekoelde siroop over de pomelopartjes. Laat ze minstens een uur marineren en schep ze af en toe om.
Verhit de oven tot 220°C.
Breng een grote pan gezouten water aan de kook, doe de spruitjes en sjalotten erin en blancheer ze 2 minuten. Giet ze af, spoel ze kort onder de koude kraan en dep ze droog. Snijd de spruitjes over de lengte doormidden en de sjalotten doormidden of in vieren (zodat spruiten en sjalotten ongeveer van gelijke grootte zijn). Doe alles in een kom met 3 eetlepels olie, ½ theelepel zout en wat zwarte peper. Spreid alles uit op een bakplaat en rooster het 20 minuten in de hete oven tot de spruitjes goudbruin en beetgaar zijn. Laat ze afkoelen.
Haal voor u de salade afmaakt de kaneelstokjes en anijssterren uit de kom met pomelo, giet de pomelo boven een kom door een zeef en bewaar de opgevangen siroop. Doe vlak voor het opdienen de sjalotten, spruitjes, pomelo en koriander in een grote mengkom. Voeg de overgebleven 2 eetlepels olijfolie, citroensap, 1 eetlepel pomelomarinade en ¼ theelepel zout toe. Meng alles luchtig door elkaar - misschien kan er nog wel een eetlepel marinade bij - en serveer de salade.

4 personen

gerechtsoort : groentegerecht

bron : Plenty More : Nóg meer groente om heel lekker te koken / Yotam Ottolenghi

Doperwten met zuring en mosterd

DOPERWTEN MET ZURING EN MOSTERD

300 gram verse of diepvriesdoperwtjes, ontdooid
2 theelepels dijonmosterd
1 ½ theelepel Engels mosterdpoeder
¾ theelepel fijne kristalsuiker
2 eetlepels olijfolie
220 gram bosui, schoongemaakt, in schuine, 1 centimeter brede ringetjes
2 tenen knoflook, in dunne plakjes
3 theelepels zwart mosterdzaad, geroosterd
75 gram Griekse yoghurt
100 gram zuringblaadjes en steeltjes, grof gesnipperd
zout


Breng een middelgrote pan water aan de kook en blancheer hierin de doperwten 30 seconden. Spoel ze af onder de koude kraan en zet ze opzij.
Roer in een kommetje beide soorten mosterd met de suiker, 3 eetlepels water en ½ theelepel zout door elkaar tot een gladde puree en zet opzij.
Zet een grote sauteerpan op halfhoog tot hoog vuur en doe de olie erin. Voeg als hij heet is bosui en knoflook toe en fruit ze onder regelmatig roeren in 8 minuten goudbruin. Draai het vuur laag, voeg de mosterdsaus en de doperwten toe met 2 theelepels mosterdzaad en de yoghurt. Roer 1 minuut tot alles goed is vermengd en de yoghurt warm is. Neem de pan van het vuur, roer de zuring door het erwtenmengsel en dien het op, bestrooid met het overgebleven mosterdzaad.

4 personen

gerechtsoort : groentegerecht

bron : Plenty More / Nóg meer groente om heel lekker te koken / Yotam Ottolenghi

zaterdag 7 maart 2020

Zoetzure prei met geitenkwark en krenten

ZOETZURE PREI MET GEITENKWARK EN KRENTEN

8 slanke preien, het groene deel verwijderd (900 gram)
2 laurierblaadjes
2 tenen knoflook, gepeld en in dunne plakjes
200 milliliter droge witte wijn
3 eetlepels olijfolie
1 kleine rode ui, gepeld en fijngehakt (100 gram)
20 gram krenten
1 eetlepel appelazijn
2 theelepels fijne kristalsuiker
2 eetlepels zonnebloemolie
100 gram geitenkwark of een romige geitenkaas
1 eetlepel kervelblad (of peterselie als alternatief)
zout
zwarte peper


Snijd de preien overdwars in twee stukken, elk van 10 centimeter lengte, en was ze goed. Leg alle stukken prei op de bodem van een grote, ondiepe pan en voeg laurier, knoflook, wijn, olijfolie en 250 milliliter water toe, zodat de stukken prei tot halverwege onderstaan. Doe er ¾ theelepel zout en wat zwarte peper bij, zet de pan op halfhoog vuur en laat de prei 30 minuten zachtjes pruttelen tot de punt van een mes er gemakkelijk inglijdt. Keer de stukken in die tijd twee- tot driemaal om zodat ze gelijkmatig gaar zijn.
Schep de preien met een schuimspaan uit de pan, leg ze op een schaal en zet ze opzij. Zeef het overgebleven vocht in een steelpannetje en laat het op hoog vuur tot 3 eetlepels inkoken. Dat duurt 12 - 15 minuten. Neem de pan van het vuur en roer de ui, krenten, azijn, suiker, ¼ theelepel zout en wat zwarte peper door de vloeistof. Laat de ui en krenten hierin zacht worden en marineren.
Verhit de zonnebloemolie in een grote sauteerpan op halfhoog tot hoog vuur. Leg de stukken prei voorzichtig in de pan en bak ze in 2 minuten aan elke kant lichtbruin. Leg ze op een schaal en laat ze afkoelen.
Verdeel de stukken prei over vier borden. Zet er dotjes kwark op, schep de dressing met ui en krenten erover en bestrooi het geheel met kervel.

4 personen

gerechtsoort : groentegerecht

bron : Plenty More : Nóg meer groente om heel lekker te koken / Yotam Ottolenghi

Abrikozen-amandeltaart met kaneel

ABRIKOZEN-AMANDELTAART MET KANEEL

KANEELLAAG
60 gram boter, plus extra om in te vetten
100 gram fijne kristalsuiker
2 theelepels gemalen kaneel
1/8 theelepel zout
2 grote eieren, losgeklopt

CAKE
85 gram boter, op kamertemperatuur
200 gram fijne kristalsuiker
2 grote eieren, losgeklopt
fijne rasp van 1 kleine citroen (¾ theelepel)
1 theelepel vanille-extract
¼ theelepel amandelextract
220 gram zelfrijzend bakmeel
1/8 theelepel zout
160 gram zure room
35 gram gemalen amandelen
8 grote abrikozen (500 gram), gehalveerd en ontpit, of 20 halve abrikozen uit blik (uitlekgewicht 500 gram)


Laat voor de kaneellaag de boter in een kleine pan smelten en voeg de suiker, de kaneel en het zout toe. Roer alles door elkaar en neem de pan van het vuur. Laat het botermengsel 5 minuten afkoelen, roer het door de losgeklopte eieren en zet opzij.
Verhit de oven tot 175°C. Vet een springvorm van 23 centimeter doorsnee in met boter en bekleed hem met bakpapier.
Doe voor het beslag de boter en de suiker in de kom van een standmixer met bisschopshaak. Klop op halfhoge tot hoge snelheid tot het botermengsel bleek en luchtig is, voeg de eieren een voor een toe en klop alles elke keer goed door elkaar; schraap de wand van de kom een paar keer schoon. Voeg de citroenrasp, het vanille-extract en het amandelextract toe en klop alles door elkaar. Zeef het bakmeel met het zout in een kom, schakel de mixer naar een lage snelheid en voeg afwisselend de droge ingrediënten en de zure room aan het romige mengsel toe; begin en eindig met het bloemmengsel. Klop tot alles is vermengd en schep het beslag in de vorm. Strijk de bovenkant glad met een spatel of de bolle kant van een lepel en strooi de gemalen amandelen eroverheen. Schik de halve abrikozen op de bovenkant met de snijkant boven; begin langs de buitenrand van de vorm en werk naar het midden toe. Schep tot slot de kaneellaag over en rond de abrikozen.
Bak de taart 1 uur in de oven of tot een in het midden van de taart gestoken spies er schoon uit komt (hoewel de bovenlaag nog iets kleverig kan zijn). Houd de taart tegen het einde van de baktijd goed in het oog omdat het van ongaar in korte tijd te gaar kan worden. Laat de taart 20 minuten in de vorm afkoelen voor u hem eruit haalt en warm serveert met wat room erbij.

10 personen

gerechtsoort : gebak

bron : Sweet / Yotam Ottolenghi & Helen Goh

Zalm met salsa van rode paprika en hazelnoten

ZALM MET SALSA VAN RODE PAPRIKA EN HAZELNOTEN

4 zalmfilets, elk van 200 gram
2 eetlepels olijfolie
zout
peper

PAPRIKA-HAZELNOTENSALSA
2 rode paprika’s
6 eetlepels olijfolie
15 gram hazelnoten in het vlies
15 gram bieslook, geknipt
1 teen knoflook, fijngehakt
sap en rasp van 1 citroen
2 eetlepels appelazijn


Maak eerst de salsa. Verhit de oven tot 200°C. Snijd de paprika’s met een scherp mes in vieren en verwijder de zaadlijsten en de zaadjes. Leg de stukken in een braadslee, schep ze om met 2 eetlepels olie en een royale snuf zout. Rooster de paprika 35 minuten in de oven tot hij gaar is. Doe de hete paprika in een kom en dek ham af met plasticfolie. Bewaar het uitgelopen vocht.
Rooster de hazelnoten op een andere bakplaat 10 minuten tot ze licht gekleurd zijn (dit kan tegelijk met de paprika’s). Laat de noten afkoelen en wrijf ze tussen de handen om de vliesjes te verwijderen. Hak de noten grof.
Pel de paprika’s als ze wat zijn afgekoeld en snijd ze in blokjes van ½ x ½ centimeter. Meng ze met de hazelnoten, de overgebleven olie en de overige ingrediënten voor de salsa. Proef en breng op smaak met zout en peper.
Verhit een geribbelde grillpan een paar minuten op zo hoog mogelijk vuur tot hij gloeiend heet is. Zet een bakplaat klaar, bekleed hem met bakpapier. Bestrijk de zalmfilets met olie en bestrooi ze met zout en peper. Leg ze met de velkant boven op de hete grillpan en gril ze 3 minuten. Schep de vis met een visschep voorzichtig maar snel uit de grillpan en leg ze op de velkant op de beklede bakplaat. Zorg ervoor dat de grillstrepen op de vis blijven zitten. Bak de zalm nog 5 - 8 minuten in de oven tot hij net gaar en nog roze van binnen is. Serveer de vis warm, met een flinke schep hazelnotensalsa.

4 personen

gerechtsoort : visgerecht

bron : Ottolenghi : Het kookboek / Yotam Ottolenghi & Sami Tamimi